Rijden onder invloed: strenger alcoholbeleid Oost-Vlaanderen
Wie geconfronteerd wordt met een positieve alcoholcontrole wil duidelijkheid: welke maatregelen volgen er meteen, wat komt er daarna, en wat riskeert u in de politierechtbank?
Daarbij komt dat het beleid in Oost-Vlaanderen recent is aangescherpt: vanaf 12 december 2025 om 18u kan het rijbewijs al vanaf 0,35 mg/l onmiddellijk voor 15 dagen worden ingetrokken, waar dat voordien pas vanaf 0,50 mg/l gebeurde.
Alcoholintoxicatie en dronkenschap
Alcoholintoxicatie houdt in dat u meer alcohol hebt gedronken dan wettelijk toegelaten in het verkeer. De wettelijk toegelaten alcohollimiet bedraagt 0,22 mg/l UAL (uitgeademde alveolaire lucht) of 0,5%.
Het alcoholgehalte wordt bepaald door een ademtest. Indien deze “alarm” of een “positief” resultaat vertoont zal er een adamanalyse worden afgenomen. In sommige omstandigheden gebeurt dit via een bloedtest. Alcoholintoxicatie is een objectief vaststelbare inbreuk. Ze steunt op een meetbaar alcoholgehalte in uw lichaam.
Daar waar alcoholintoxicatie een objectieve meting inhoudt, gaat dronkenschap over uw toestand. Het gaat niet louter over hoeveel je hebt gedronken maar over uw gedragingen. Hieruit kan de politie vaststellen dat men niet langer in staat is veilig te rijden.
De mogelijkheid bestaat dat u zich schuldig maakt aan beide overtredingen. Zo kan u in een staat van dronkenschap worden geacht, ook al ligt uw gemeten alcoholwaarde niet boven de minimumgrens van 0,22 mg/l. Omgekeerd kan u de wettelijke grens wel overschrijden, zonder dat u zich in staat van dronkenschap bevindt.
Welke veiligheidsmaatregelen volgen meteen?
Bij een positieve ademanalyse kan onmiddellijk een geldboete (via onmiddellijke inning) worden voorgesteld. Belangrijker is de veiligheidsmaatregel: een tijdelijk rijverbod van enkele uren, of de onmiddellijke intrekking/inhouding van het rijbewijs afhankelijk van het gemeten resultaat en het parketbeleid. In Oost‑Vlaanderen wordt, volgens het nieuwe beleid, sneller tot effectieve inhouding overgegaan vanaf de wettelijke grens van 0,35 mg/l.
3) Wat is er nieuw in Oost‑ en West‑Vlaanderen sinds 12 december 2025?
De parketten van Oost‑ en West‑Vlaanderen maakten bekend dat zij sneller zullen overgaan tot onmiddellijke intrekking van het rijbewijs bij alcohol achter het stuur. De nieuwe richtlijn geldt vanaf 12 december 2025 om 18u. De kern: een onmiddellijke intrekking kan voortaan al vanaf 0,35 mg/l uitgeademde lucht, waar vroeger vaak 0,50 mg/l werd gehanteerd. Wie dus “slechts net boven” 0,35 mg/l zit, kan toch geconfronteerd worden met een onmiddellijke intrekking.
Een onmiddellijke intrekking is een maatregel die losstaat van de uiteindelijke uitspraak van de politierechtbank. Ze duurt in principe 15 dagen en wordt ter plaatse bevolen door een officier van gerechtelijke politie, in het kader van het parketbeleid. In uitzonderlijke gevallen kan vervroegde teruggave worden gevraagd aan het politieparket, maar dat gebeurt zelden. Bovendien kan het Openbaar Ministerie bij ernstige feiten de politierechter vragen om die intrekking te verlengen.
Dagvaarding politierechtbank?
Wordt u gedagvaard, dan riskeert u in de kern twee luiken: een geldboete en een rijverbod (tijdelijk verval van het recht tot sturen). De zwaarte neemt toe naarmate de alcoholconcentratie hoger is, wanneer er bijkomende verzwarende omstandigheden zijn (ongeval, gevaarlijk rijgedrag), of wanneer er sprake is van dronkenschap. In sommige gevallen is een rijverbod niet louter een optie, maar een verplicht onderdeel van de sanctie.
Wie een rijverbod krijgt, moet vaak ook voldoen aan voorwaarden voor herstel in het recht tot sturen. In de praktijk kan dit neerkomen op slagen voor een theoretisch en praktisch rijexamen, aangevuld met een medisch en/of psychologisch onderzoek. De concrete combinatie hangt af van het vonnis en het dossier.
Artikel 42 Wegverkeerswet
Naast de klassieke straffen (geldboete en een rijverbod voor een bepaalde duur) kan de politierechter ook een beveiligingsmaatregel opleggen: een verval van het recht tot sturen wegens lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid (art. 42 Wegverkeerswet). Het uitgangspunt is niet “bestraffen”, maar de verkeersveiligheid: de rechtbank wil vermijden dat iemand die (tijdelijk) niet rijgeschikt is, opnieuw de weg op gaat.
Die maatregel wordt vooral uitgesproken wanneer het dossier wijst op een structureel risico, bijvoorbeeld bij een ernstig alcohol- of middelenprobleem, duidelijke gedragskenmerken, of herhaling. De rechter motiveert dan dat u – op dat moment – niet veilig kan deelnemen aan het verkeer.
Het grote verschil met een gewoon rijverbod is de duur. Een rijverbod als straf is tijdelijk. Een verval op basis van artikel 42 is in principe van onbepaalde duur en loopt door tot u het bewijs levert dat u niet langer ongeschikt bent om te sturen. Daarom wordt dit soms het “levenslang rijverbod” genoemd, al is herstel wel degelijk mogelijk zodra u de vereiste bewijzen kan voorleggen.
Ook de start is strenger: dit verval gaat onmiddellijk in bij uitspraak wanneer het vonnis op tegenspraak is gewezen (dus wanneer u aanwezig was) en bij betekening wanneer het vonnis bij verstek is gewezen. Concreet betekent dit dat het rijbewijs in dat scenario meteen moet worden afgegeven en dat een eventueel rechtsmiddel de onmiddellijke uitvoering niet opschort.
Deze blogpost bevat algemene informatie en vormt geen individueel juridisch advies. Voor advies op maat of een beoordeling van uw dossier kan u contact opnemen met ons kantoor.